Een kansrijke start is belangrijk voor ieder kind. En hoewel nieuwkomersgezinnen verschillende achtergronden en leefomstandigheden hebben, geldt voor al deze gezinnen dat er in zorg en ondersteuning specifieke aandachtspunten zijn. Wie rekening houdt met deze aandachtspunten draagt bij aan goede zorg en ondersteuning voor alle kinderen.
Nieuwkomersgezinnen
Wie bedoelen we met nieuwkomersgezinnen?
De term nieuwkomersgezinnen omvat alle ouders en hun kinderen die nieuw zijn in Nederland. Bijvoorbeeld als arbeidsmigrant, statushouder, kennismigrant, in afwachting van of midden in de asielprocedure, of gezinnen zonder verblijfsstatus.
De groep nieuwkomersgezinnen is niet homogeen. Ieder gezin, ieder verhaal, is anders. Toch zijn er overeenkomsten in ervaringen, afhankelijk van de achtergrond en redenen voor de komst naar Nederland, waar je rekening mee kan houden. Arbeidsmigranten en hun gezinnen bevinden zich vaak in een kwetsbare positie door verhoogde kans op arbeidsuitbuiting, onzekere woon- en werksituaties en beperkte toegang tot zorg. Zij reizen regelmatig tussen Nederland en hun land van herkomst wanneer zij bijvoorbeeld zorg of hulpverlening nodig hebben. Gezinnen die gevlucht zijn hebben vaak te maken met migratie gerelateerde stressfactoren zoals traumatische ervaringen in het land van herkomst of tijdens de vlucht, zorgen over familie die achtergebleven is en onzekerheid rondom verblijfsstatus. Ook nadat een verblijfsstatus is toegekend, volgen vaak nog lange wachttijden in een azc of tussenvoorziening en krijgen gezinnen na vestiging in een gemeente regelmatig te maken met sociaaleconomische achterstanden. De asielketen zorgt bovendien voor een precaire situatie rondom de zwangerschap. Zwangeren zijn regelmatig niet of te laat in beeld bij de geboortezorg omdat zij steeds verhuizen naar andere opvanglocaties. Gezinnen zonder verblijfsstatus leven daarnaast vaak in langdurige onzekerheid en onzichtbaarheid, wat kan leiden tot stress, financiële kwetsbaarheid en drempels in het zoeken van zorg en ondersteuning. Angst voor signalering of uitzetting kan ertoe leiden dat zij minder snel gebruikmaken van voorzieningen, ook wanneer deze wel toegankelijk zijn.
De verschillen binnen deze groepen zijn vaak groter dan de verschillen tussen de groepen. Generaliseren helpt niet, wel is het belangrijk je bewust te zijn van de uitdagingen die nieuwkomersgezinnen mogelijk ervaren.
Waarom is extra aandacht nodig?
Nieuw zijn in Nederland vraagt veel aanpassingsvermogen. De situatie van nieuwkomersgezinnen kan complex en kwetsbaar zijn door onzekerheid over verblijfstatus en woonsituatie, taalbarrière, een lage sociaaleconomische positie, ervaringen met discriminatie, trauma en onbekendheid met het Nederlandse zorgsysteem. Het netwerk van deze gezinnen is vaak beperkt, terwijl het netwerk rondom ouders en hun jonge kinderen juist heel belangrijk is. Dit zijn extra uitdagingen, boven op de verantwoordelijkheden die komen kijken bij ouderschap.
Onderzoek toont aan dat nieuwkomersgezinnen minder goede zwangerschaps- en geboorte-uitkomsten ervaren. Denk aan een groter risico op moeder- en perinatale sterfte onder asielzoekers en statushouders, en ernstige complicaties tijdens de zwangerschap. Daarnaast ervaren vrouwen die nieuw zijn in Nederland drempels in de toegang tot geboortezorg door cultuur- en taalbarrières, discriminatie en lagere gezondheidsvaardigheden.
Aandacht voor de situatie van deze gezinnen en het verlagen van de toegangsdrempels leidt tot betere zorg en versterkt vertrouwen tussen ouders en professionals waardoor gezondheidsrisico’s verminderen. Dit legt de basis voor een kansrijke start.
Aansluiten bij verwachtingen, gewoonten en overtuigingen
Het vinden van zorg en begrijpen van het Nederlandse zorgsysteem is complex wanneer ouders vanuit het land van herkomst andere vormen van zorg gewend zijn. De opvattingen over zwangerschap, bevalling en opvoeding kunnen verschillen, waardoor adviezen niet altijd aansluiten. Daarnaast hechten ouders tijdens belangrijke levensgebeurtenissen zoals een geboorte, vaak extra waarde aan tradities en gewoontes waarmee zij zijn opgegroeid.
Nieuwkomers ervaren vaak discriminatie, stigmatisering en uitsluiting in de samenleving en tijdens de ontvangst van zorg. Uit onderzoek blijkt dat ervaringen met discriminatie en uitsluiting en onvoldoende aansluiting vanuit zorgverleners zorgen voor verkeerde behandelingen, onveilige situaties en minder goede gezondheidsuitkomsten. Bovendien resulteert het in gebrek aan vertrouwen en zorgmijding onder gezinnen. Dit vergroot gezondheidsrisico’s voor moeder en kind. Gebrek aan aansluiting kan leiden tot verkeerde behandelingen of onveilige situaties. Cultuursensitief werken is daarom noodzakelijk.
Wat is cultuursensitief werken?
Wie cultuursensitief werkt, is zich bewust van het eigen referentiekader en vraagt zichzelf af: waar komen eigen waarden en normen vandaan? Hoe verschillen die van de normen en waarden van de ander? Wees open en oprecht geïnteresseerd en zet in op een vertrouwensrelatie. Cultuursensitief werken kent geen einddoel. Het is een continu leerproces bestaande uit reflecteren op eigen handelen, je eigen cultuur niet als superieur zien en openstaan voor feedback. We noemen dit ook wel cultural humility, ofwel culturele bescheidenheid.
Hoe werk je cultuursensitief?
Cultuursensitief werken met gezinnen betekent concreet dat je als professional:
- bewust bent van je eigen culturele achtergrond en hoe dit jouw handelen beïnvloedt;
- begrijpt wat cultuur is en hoe zaken zoals levensgeschiedenis, omgeving en cultuur de ontwikkeling bepaalt;
- begrijpt dat interactie met ouders en kinderen bepaald wordt door maatschappelijke context en geschiedenis;
- een open en onderzoekende houding hebt richting de rol van cultuur in het contact met het gezin;
- lef hebt om je kwetsbaar op te stellen. Je durft ongemak te benoemen en en je leert van fouten;
- weet hoe cultuur door kan werken in opvoeding. Je hebt de vaardigheden om dit met ouders en kinderen te bespreken.
Het is helpend om actief te reflecteren op je eigen positie ten opzichte van die van het gezin en de invloed van je eigen cultuur op je professioneel handelen.
Omgaan met een taalbarrière
Aansluiten in communicatie is als zorgverlener heel belangrijk. Voor nieuwkomers is Nederlands vaak niet de eerste taal, hierdoor is de kans groter dat zij het Nederlands niet of onvolledig beheersen. Spreken, lezen en schrijven kan lastig zijn. Culturele verschillen, informatie- en voorlichtingsmateriaal dat niet toegankelijk of passend is kunnen ook communicatie bemoeilijken.
Heldere communicatie is dus heel belangrijk. Mensen geven niet altijd direct aan wanneer ze iets niet begrijpen. Check altijd of de ander jouw boodschap heeft begrepen, bijvoorbeeld via de terugvraagmethode. Laat de ander uitleggen wat diegene van jouw verhaal begrepen heeft om zo misverstanden te ondervangen. Bijvoorbeeld: Ik wil graag weten of ik het goed heb uitgelegd, kun je mij vertellen wat we hebben besproken?
Wanneer er sprake is van een taalbarrière tussen jou en ouders, werk dan samen met een tolk. Deze werkwijze vraagt extra inzet van jou als professional, maar is heel belangrijk om te zorgen dat communicatie goed verloopt. Lees in de nieuwe ‘generieke richtlijn omgaan met een taalbarrière in de zorg en het sociaal domein’ meer over het samenwerken met een tolk of andere alternatieven.
Nieuwkomersgezinnen & Kansrijke Start
Binnen Kansrijke Start-coalities is het belangrijk om gezamenlijk aandacht te hebben voor nieuwkomers in de eigen gemeente of regio. Door hier als coalitie bewust op in te zetten, sluiten gemeenten en professionals beter aan bij de behoeften van deze gezinnen. Hieronder volgen praktische handvatten en tips om dit samen vorm te geven.
Weet wie er in jouw gemeente woont
Om adequate ondersteuning te kunnen bieden is het belangrijk dat je een beeld hebt van welke en hoeveel nieuwkomersgezinnen in jouw gemeente wonen en hoe je hen bereikt. Zorg dat je inzicht krijgt in gemeentelijke cijfers. Houd er rekening mee dat gezinnen die wonen in de asielopvang en gezinnen zonder verblijfsstatus niet in deze cijfers geïncludeerd zullen zijn. Onderzoek daarna het aanbod voor deze gezinnen. Ga tot slot met elkaar in gesprek over de aandachtspunten in jouw gemeente of regio en waar je als coalitie de focus op legt.
Werk samen met sleutelpersonen
Sleutelpersonen zijn mensen met een migratie- of vluchtachtergrond die de Sleutelpersonen-training van Pharos hebben gevolgd. Sleutelpersonen overbruggen taal- en cultuurverschillen en bieden gerichte ondersteuning. Zij kennen de cultuur, taal, achtergrond en het land van herkomst en hebben een netwerk in een bepaalde gemeenschap, waardoor ze verschillende werelden met elkaar kunnen verbinden. Sleutelpersonen gezondheid hebben affiniteit met gezondheidszorg en vervullen hierdoor een brugfunctie tussen ouders, (zorg)organisaties en hulpverleners bij een divers aantal thema’s, zoals seksuele gezondheid of meisjesbesnijdenis. Belangrijk: overleg je samenwerking met een sleutelpersoon altijd vooraf met ouders.
Samenwerking met de juiste partijen
Vroegsignalering is essentieel om tijdig problemen te signaleren en ondersteuning te bieden aan deze gezinnen. Werk daarom nauw samen met huisartsen/praktijkondersteuners huisarts (POH) en het consultatiebureau. Meld in overleg het gezin aan voor een prenataal huisbezoek door de jeugdgezondheidszorg (JGZ). Het vraagt om samenwerkingsafspraken tussen partijen om te zorgen dat ouders adequate hulp en ondersteuning krijgen. Ga na of de juiste organisaties en hulpverleners deelnemen aan je coalitie. Denk hierbij aan Vluchtelingenwerk, welzijnsorganisaties, GZA, onderwijs, VVE, sleutelpersonen en het Verloskundig Samenwerkingsverband (VSV) in de regio.
Tot slot
Bewuste aandacht voor nieuwkomersgezinnen creëert een stevige basis voor ouders en hun kinderen. Door verbinding te zoeken met ouders, zo goed mogelijk aan te sluiten bij verschillen, en waar nodig extra ondersteuning en begeleiding te bieden, bouw je aan vertrouwen. Hierdoor worden taal- en cultuurbarrières overbrugd, verkleinen we gezondheidsrisico’s en ontstaat er ruimte voor succesvol ouderschap.