Een taboe bespreekbaar maken is lastig, zeker als het niet ‘jouw’ expertise is. In Eindhoven hebben professionals uit het medisch én sociaal domein in dialoogsessies elkaar getraind in het stellen van die ongemakkelijke vragen, onder meer over armoede en kinderwens. Met vertrouwen gaan ze nu het gesprek aan en verwijzen ze naar elkaar door.
Als generalist in het sociaal domein is het misschien logisch om geldproblemen of schulden aan te kaarten, maar het blijkt een stuk moeilijker om te bespreken of iemand (nog) een kindje zou willen. Want je gaat toch niet vragen naar wat iemand in de slaapkamer doet? En wat moet je met het antwoord? En dus wordt de vraag vermeden.
En dat terwijl een verloskundige juist vaak wél een gesprek over het voorkomen van een onbedoelde zwangerschap of een (toekomstige) kinderwens voert, maar het ingewikkeld vindt om te vragen of een gezin rond kan komen of dat ze misschien ondersteuning nodig heeft.
Professionals uit het medisch en sociaal domein werken in Eindhoven al jaren met elkaar samen binnen de coalitie Kansrijke Start. Als vijfde stad van het land is Eindhoven een stad met grootstedelijke problemen. Er zijn veel mensen die geen geschikte woning of werk hebben, kampen met ziekte, psychische problemen en/of geldproblemen, waardoor ze in hun bestaanszekerheid worden bedreigd. Deze problemen komen ook voor bij zwangere vrouwen en jonge gezinnen.
Werkgroep Bestaansonzekerheid en kinderwens
In de werkgroep ‘Bestaansonzekerheid en kinderwens’ ontdekten de professionals dat ze bepaalde onderwerpen lastig vinden om te bespreken met hun cliënten, maar dat die onderwerpen niet voor iedereen hetzelfde te zijn. “Je mijdt bepaalde onderwerpen als professional omdat je je er ongemakkelijk bij voelt of er niet genoeg over weet”, vertellen verloskundigen Suzanne van der Lee en Thérèse van den Oever. “Terwijl wanneer je die vragen wél stelt, dit veel op kan leveren voor gezinnen in kwetsbare situaties. Het kan heel fijn zijn dat er eindelijk iemand naar vraagt en dat er hulp komt.”
“Als je die vragen wél stelt, kan het veel opleveren voor gezinnen in kwetsbare situaties. ”
Suzanne van der Lee en Thérèse van den Oever, verloskundigen
Dezelfde schroom om verder te vragen leefde bij professionals in het sociaal domein, maar dan over het onderwerp kinderwens. WIJeindhoven heeft een groot bereik en komt bij veel gezinnen in kwetsbare omstandigheden over de vloer. “Wij helpen mensen op allerlei levensgebieden, zoals wonen, werken of ontmoeten”, vertelt Vivian Schreven, generalist bij WIJeindhoven. Gezins- en opvoedingsondersteuning hoort hier ook bij, maar toch werd de vraag of iemand (nu) een kinderwens heeft amper gesteld. “Terwijl er genoeg jonge meiden in kwetsbare omstandigheden rondlopen, die bijvoorbeeld nog nooit van de pil of andere vormen van anticonceptie hebben gehoord.”
Tools in handen
Suzanne: “Wil je het medische en sociale domein dichter bij elkaar brengen en elkaar versterken, dan zul je elkaars taboes beter bespreekbaar moeten maken. Geen handelingsverlegenheid, maar elkaar de tools te geven om het gesprek te voeren. Met dat in het achterhoofd zijn we aan de slag gegaan.”
De werkgroep startte in 2022 met dialoogsessies. Hier zijn professionals uit beide domeinen bij elkaar gebracht. Samen in gesprek, in bestaande veilige teams. De onderwerpen die aan bod kwamen waren: hoe bespreek je geldproblemen en armoede? Waarom is dit moeilijk? Wat heb je nodig om het wel te kunnen bespreken?
De verloskundige of kraamverzorgster komen met een bijzondere reden bij iemand thuis, namelijk omdat er een kindje (op komst) is. Er is over het algemeen sprake van een goede vertrouwensband tussen de medisch professional en het gezin. Er zijn groepen waarvan bekend is dat ze extra kwetsbaar zijn, zoals alleenstaande moeders, stellen met relatieproblemen of iemand met psychische problemen. “We weten dat er risicofactoren zijn, daarom vragen we al in de zwangerschap of de verpleegkundige van het consultatiebureau een prenataal huisbezoek wil doen om de thuissituatie in kaart te brengen”, zegt Suzanne.
De verloskundige kan in het systeem zien of iemand is verzekerd. Wordt de zorgverzekering niet betaald, dan is dat vaak ook een teken dat er meer speelt. Een kraamverzorgende ziet soms weer heel andere dingen als ze na de geboorte meedraait in het gezin. Bijvoorbeeld dat een huis vies en rommelig is, er onvoldoende kleertjes of luiers in huis zijn, of dat oudere kinderen de hele dag met een zak chips rondlopen. Overigens is het lang niet altijd zichtbaar: soms hangt er een enorme televisie en lopen kinderen met dure merkkleding rond, maar liggen er op tafel enveloppen van incassobureaus. “Om wat voor reden je je ook zorgen maakt, je moet de vragen durven stellen”, zegt Suzanne. “Is er iets aan de hand en kunnen we jou helpen? Oog voor armoede is ook onze verantwoordelijkheid.”
Oja-momenten
Het doel van de dialoogsessies was om op een informele manier van elkaar te leren en de samenwerking te verbeteren. Professionals uit het medische domein gingen langs bij het sociale domein. En andersom. Er ontstonden heel wat ‘oja-momenten’ over en weer. Thérèse: “Je hoeft ‘alleen maar’ goed te kijken en de juiste vragen te stellen, je hoeft het probleem niet op te lossen.”
“Je hoeft ‘alleen maar’ goed te kijken en de juiste vragen te stellen, je hoeft het probleem niet op te lossen. ”
Thérèse van den Oever, verloskundige
Pharos en het NCJ hebben vervolgens geholpen bij het opzetten van een scholing met accreditatie voor medische professionals om goed te kunnen signaleren en zo nodig door te verwijzen, specifiek gericht op de Eindhovense situatie. Dit vond plaats binnen het project ‘Impuls Preventie van Geldzorgen voor coalities Kansrijke Start’ van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De sociale kaart is ontzettend breed, er zijn ontzettend veel organisaties en plekken voor ondersteuning. Juist dan is het handig dat je precies weet welk nummer je kunt bellen, bij wie iemand terechtkan. Onder medische professionals leefde het vooroordeel dat de juiste hulp moeilijk te vinden was, maar ze ontdekten dat gezinnen met financiële problemen eigenlijk direct terechtkunnen bij WIJeindhoven. Kunnen doorverwijzen naar de juiste persoon die de professional zelf kent in plaats van naar een loket van een gezichtsloze organisatie, maakt een groot verschil. Een ‘warme’ doorverwijzing naar de juiste ondersteuning dus. Suzanne: “Als het nodig is, nemen we de jonge ouders soms letterlijk aan de hand mee of gaan we samen bellen. Zodat het heel laagdrempelig is.”
De komende tijd blijven professionals uit beide domeinen de dialoogsessies en scholing volgen. Zo worden armoede en bestaanszekerheid een gewoon gespreksonderwerp in Eindhoven. Suzanne: “We gunnen het elk kind om op te groeien zonder armoede. Dat begint met het gesprek daarover te normaliseren.”